PAARSE PARELMOERVLINDER (BOLORIA DIA)

De paarse parelmoervlinder is moeilijke tot zeer moeilijke vlinder om te herkennen.

Zeldzaamheid

Een zwerver die in de afgelopen anderhalve eeuw vijftien keer in Nederland is waargenomen, voor het laatst in 1996.

Kenmerken vlinder

Voorvleugellengte: 16-19 mm. De bovenkant van de vleugels is oranje met zwarte vlekken en stippen. De grondkleur van de onderkant van de achtervleugel is blauwachtig violet met een band van enkele kleine parelmoervlekken. De zwarte vlekken op de onderkant van de achtervleugel zijn goed ontwikkeld.

Kenmerken rups

Tot 22 mm; lichaam donkergrijs met een gebroken, witachtige rugstreep en een roodachtig gele lengtestreep op de flanken; doorns geelachtig met witachtige uiteinden; kop zwart.

Gelijkende soorten vlinder

Zie de zilveren maan, de zilvervlek en de veenbesparelmoervlinder.

Levenscyclus

De soort overwintert als halfvolgroeide rups.

Waardplanten

Diverse soorten viooltjes; vooral akkerviooltje en driekleurig viooltje.

Habitat

Warme hellingen met open bos, struwelen, bloemrijke en heischrale graslanden, luwe overhoekjes en braakliggende akkers.

Vliegtijd en gedrag

Eind april-begin september in twee of drie generaties.

Mobiliteit

De paarse parelmoervlinder is vrij zwerflustig en is zelfs enkele malen in Groot-Brittannië gevonden.

Europa

De paarse parelmoervlinder komt in een groot deel van Midden-Europa voor. De dichtstbijzijnde populaties vliegen in Wallonië.

Mondiaal

Van West-Europa (met uitzondering van de Britse eilanden) via Midden- en Oost-Europa en via de gematigde (Aziatische) zone tot China. Niet in Noord-Europa en niet in grote delen van Zuid-Europa.

Bron: vlinderstichting