SINT-JANSVLINDER (ZYGAENA FILIPENDULAE)

Meestal is de sint-jansvlinder zwart met rood getekend, soms echter zijn de vlekken en achtervleugels geel. De vlinder is goed te herkennen.

Zeldzaamheid

Zeer algemeen. Komt verspreid over het hele land voor. RL: niet bedreigd.

Kenmerken vlinder

Voorvleugellengte: 15-19 mm. Een bloeddrupje met zes rode vlekken op de voorvleugel: de rode vlek aan de vleugelbasis is gescheiden door een ader en telt voor twee. Er komt ook een afwijkende vorm voor met gele vlekken en een gele achtervleugel.

Kenmerken rups

Tot 22 mm; plomp en gedrongen lichaam met abrupt afgeknotte uiteinden; groenachtig geel met een dubbele rij zwarte vlekken op de rug, aan weerszijden van deze zwarte vlekken een rij gele vlekjes; aan weerszijden van het lichaam ook een rij zwarte vlekjes, die bij bleke exemplaren kunnen ontbreken; bij sommige vormen zijn de zwarte vlekken dusdanig vergroot, dat de rupsen practisch geheel zwart zijn; in het lichaam ingetrokken kop.

Gelijkende soorten vlinder

Door de rood met zwarte tekening en de op elkaar lijkende Nederlandse namen, wordt deze soort door beginnende (nacht)vlinderaars wel verward met de sint-jacobsvlinder (Tyria jacobaeae) die eveneens overdag actief is en vrij algemeen voorkomt. Ook is verwarring mogelijk met de vijfvlek-sint-jansvlinder (Z. trifolii) en de kleine sint-jansvlinder (Z. viciae).

Gelijkende soorten rups

Vijfvlek-sint-jansvlinder (Zygaena trifolii).
N.B.: vergelijk behalve de uiterlijke kenmerken ook de tijd van het jaar waarin de rupsen voorkomen, het habitat en de waardplant(en).

Levenscyclus

Rups: september-juni. De rups overwintert één-, soms tweemaal en verpopt zich in een cocon, die goed zichtbaar tegen een grasstengel of een andere plant is aangebracht.

Waardplanten

Gewone rolklaver en moerasrolklaver.

Habitat

Bloemrijke graslanden, wegbermen, kalkgraslanden, weilanden, brede bospaden en duinen.

Vliegtijd en gedrag

Eind mei-eind augustus in één generatie. De vlinders bezoeken bloemen van onder andere distels. De mannetjes maken patrouillevluchten, op zoek naar onbevruchte vrouwtjes.

België

Vrij algemeen in het hele land. In Vlaanderen wijdverbreid maar achteruitgaand.

Mondiaal

Komt voor in het hele vaste land van Europa. Ontbreekt in delen van Zuid-Spanje en Portugal en ook op de eilanden van de westelijke Middellandse Zee. Verbazingwekkende dichtheden in Engeland, Schotland en Ierland en ook in Scandinavië. In Midden- en Oost-Europa zijn nergens noemenswaardige verbreidingsplaatsen. Komt wel voor rond de Zwarte Zee (Turkije, Roemenië, Bulgarije en de Krim), inclusief de Kaukasus; in Libanon zitten de zuidelijkste voorposten. In oostelijke richting tot aan de Wolga.

Bron: vlinderstichting